Ben je een zelfstandige professional of werk je eigenlijk als een werknemer in vermomming? De scheidslijn tussen een echte zzp’er en een schijnzelfstandige kan soms flinterdun zijn. De Hoge Raad heeft tien punten geformuleerd die helpen om dit onderscheid te maken. In deze blogpost duiken we dieper in op deze punten, zodat zowel werkgevers als zzp’ers kunnen bepalen of er sprake is van een correcte arbeidsrelatie.
De 10 Punten van de Hoge Raad
De Hoge Raad gebruikt de volgende criteria om te beoordelen of iemand als zelfstandige of als werknemer moet worden beschouwd:
1. Aard en duur van de werkzaamheden
Eenvoudige en langdurige werkzaamheden neigen meer naar een dienstverband. Een inspanningsverplichting (waarbij je je best moet doen) is kenmerkend voor een dienstverband, terwijl een resultaatverplichting (waarbij je een specifiek resultaat moet leveren) meer past bij zelfstandigheid.
2. Bepaling van werkzaamheden en werktijden
Minder vrijheid in het bepalen van de werkwijze, werktijden en locatie duidt vaker op een dienstverband. Een echte zzp’er heeft meer autonomie.
3. Inbedding in de organisatie
Werkt de zzp’er zij-aan-zij met werknemers en volgt hij dezelfde regels en aansturing? Dit wijst op een dienstverband. Zelfstandigen staan doorgaans meer op afstand van de interne organisatie.
4. Verplichting tot persoonlijke arbeid
Moet de zzp’er het werk persoonlijk uitvoeren, of kan hij zich laten vervangen? Verplichte persoonlijke arbeid is een sterk signaal van een dienstverband. Een zelfstandige kan in principe iemand anders inhuren om de klus te klaren.
5. Totstandkoming van afspraken
Had de zzp’er onderhandelingsruimte bij het aangaan van de overeenkomst? Weinig onderhandelingsruimte wijst vaker op een dienstverband. Zelfstandigen bepalen doorgaans zelf de voorwaarden.
6. Beloning
Heeft de zzp’er invloed op zijn tarief en betalingswijze? Een beloning die vergelijkbaar is met die van werknemers duidt op een dienstverband. Zelfstandigen bepalen hun eigen tarieven.
7. Hoogte van de beloning
Is de beloning vergelijkbaar met die van werknemers in loondienst? Dit is een indicatie dat er mogelijk sprake is van een dienstverband.
8. Ondernemersrisico
Draagt de zzp’er zelf het ondernemersrisico, bijvoorbeeld bij ziekte of herstelkosten? Minder risico wijst vaker op een dienstverband. Een echte ondernemer is verantwoordelijk voor zijn eigen risico’s.
9. Gedrag in economisch verkeer
Gedraagt de opdrachtnemer zich als ondernemer, bijvoorbeeld door acquisitie of eerdere beoordeling als ondernemer door de Belastingdienst? Een ondernemer is actief bezig met het werven van nieuwe klanten.
10. Ondernemerschap
Werkt de zzp’er voor meerdere opdrachtgevers en investeert hij in naamsbekendheid? Minder ondernemerschap wijst op een dienstverband. Een zelfstandige heeft doorgaans meerdere opdrachtgevers en investeert in zijn eigen bedrijf.
Conclusie
Het is belangrijk om te realiseren dat geen enkel punt op zichzelf doorslaggevend is. Het is het totale plaatje dat telt. Zowel werkgevers als zzp’ers doen er goed aan om kritisch naar de arbeidsrelatie te kijken en te beoordelen of deze voldoet aan de criteria voor zelfstandigheid. Dit voorkomt problemen met de Belastingdienst en zorgt voor een eerlijke en transparante samenwerking.